Koken is het helemaal tegenwoordig. In de eindeloze reeks huis-koop-en-verbouwprogramma's is de keuken het pièce de résistance, met verplicht kookeiland uiteraard. Topkoks zijn nationale celebrities. Je valt op TV van de ene kookwedstrijd in de andere, waar diezelfde topkoks zenuwachtige wannabe chefs lekker in de pan mogen hakken. En het is echt niet zomaar een kwestie van de groente mooi snijden en een stukje vlees lekker rosé bakken, nee, koken moet gaan over de diepste uitdrukking van je wezen. Ik zag het in een Engelse kookshow al eens, dat een kandidate werd weggestuurd omdat ze 'in haar koken onvoldoende uitdrukte wie ze was.' Maar nu lees ik tot mijn verbazing dat zelfs de Michelin-brigade dit criterium voor zijn sterrencircus hanteert: "Komt de persoonlijkheid van de chef tot uitdrukking in het eten?"
Ik probeer me voor te stellen hoe zo'n beoordeling in zijn werk gaat. Komt Michelin voor de proeverij bij de chef langs om een persoonlijkheidsvragenlijst af te nemen, zodat de uitkomst daarvan straks gematcht kan worden met het Menu Degustation? Als er een hele saaie chef in de keuken staat, scoort hij dan ook een punt wanneer hij vervolgens inderdaad heel saai kookt?
Hoe smaakt een narcistisch klaargemaakte coquille?
woensdag 24 november 2010
Man ist was man ißt
Gepost door Martien op 12:41 View Comments
maandag 8 november 2010
Geld maakt wel/niet gelukkig
Nederland werd al steeds gekker; en nu zijn het ook nog de donkere dagen voor (tegenwoordig heel enge) Sint en Kerst, en zetten we met zijn allen nog een tandje bij. SBS 6 doet paranormaal begaafde kinderen en de publieke omroep, ook niet te flauw, vergooide een deel van zijn bedreigde centen gisteren nog aan Bijna Dood Dokter Pim van Lommel. Misschien zijn die bezuinigingen toch zo gek nog niet. Van Lommel is inmiddels helemaal afgedreven naar Cloud Cuckoo Land, getuige zijn warme conversatie met een man die sedert hij een transplantatienier van zijn vrouw ontving regelmatig telepathisch met haar in contact staat - via die nier. Dokter Pim: "…een nier in liefde gegeven en in liefde ontvangen doet het vaak heel veel beter, dat is echt waar, en dat is ook niet medisch verklaarbaar, maar je hoort het heel vaak…". Ach, ook gepensioneerde cardiologen hebben het volste recht zich met dit soort zottigheden van de straat te houden. Alleen, Dokter Pim doet het op TV, en onder het mom van de wetenschapper-die-het-allemaal-onderzocht-heeft – en dat is gewoon erg.
Enfin, de tijden zijn er naar wil ik maar zeggen, en dus geen wonder, al met al, dat me vandaag weer eens een ouderwetse kettingbrief bereikte via een lang vergeten voormalig orkestlid in wier mailbestand ik kennelijk nog rondhang. Nou ja, ouderwets, tegenwoordig heeft zo'n brief natuurlijk de vorm van een gelikte Powerpoint presentatie, compleet met irritante animaties. Dia na dia werd een reeks Chinese wijsheden over me uitgestort over de elementaire waardeloosheid van geld. "With money, you can buy a house, but not a home"; "With money you can buy sex, but not love"; "With money you can buy a clock, but not time"; "With money you can buy a book, but not knowledge"; of, enigszins betwistbaarder gezien het hedendaagse aanbod van farmaceutica, "With money you can buy a bed, but not sleep." Et cetera, u kunt er zelf, al bent u geen Chinese wijsgeer, vast nog wel een paar dozijn bij verzinnen.
Nadat deze diepzinnigheden voldoende waren ingepeperd volgden de gebruikelijke dreigementen: stuur deze boodschap binnen vier dagen door aan twintig vrienden, of anders zwaait er wat. Anderzijds, wie braaf gehoor zou geven aan de opdracht werden wonderschone beloningen in het vooruitzicht gesteld; beloningen die merkwaardig los bleken te staan van de net gegeven boodschap, om niet te zeggen, haaks daarop: "ONE MAN GOT HIS FIRST COPY OF THE PROVERB IN 1953 AND ASKED HIS SECRETARY TO MAKE HIM 20 COPIES. NINE HOURS LATER HE WON $99 MILLION IN THE LOTTERY IN HIS COUNTRY."
Huh...? Ik was al te bekrompen voor Van Lommels weidse wetenschapsvisie. Maar ik ben ook te dom voor Chinese filosofie, geloof ik.
Gepost door Martien op 17:46 View Comments
Labels: Gekte, Geloof en bijgeloof, TV
zondag 26 september 2010
Idioot Nederland
Het zijn zware tijden voor de ingewanden. Een onbewaakte blik op het journaal en alweer slaat de zelfgenoegzame grijns van Rutte je tegemoet. Als je pech hebt krijg je die van vriendje Verhagen erbij, en een heleboel ouwejongenskrentenbrood schouderklopperij. M&M. Samen draaien ze een kapitalistische begroting in elkaar waarin zo'n beetje alles kapot bezuinigd wordt dat Nederland nog een beetje een aardig land maakt, en kennelijk scheppen ze daar een groot genoegen in. Ieder voor zich en Wilders voor ons allen – die heeft, in tegenstelling tot M&M, in elk geval nog een ideologie.
Hoe is het in vredesnaam zo ver gekomen dat dit soort griezels, corpsballen en schertsfiguren echt iets te zeggen krijgen over wat er in Nederland gebeurt?
Kort geleden las ik een vermakelijk en verhelderend boekje. Het heet 'Idiot America. How stupidity became a virtue in the Land of the Free'. Het probleem van het populisme beperkt zich bepaald niet tot Nederland. Auteur Charles Pierce analyseert de Amerikaanse cultus van de onderbuik, en stelt vast dat de arena's van media en politiek tegenwoordig worden beheerst door drie Grote Premissen:
- Iedere theorie is waar als ze maar boeken verkoopt, kijkcijfers genereert of anderszins eenheden verplaatst.
- Alles kan waar zijn als iemand het maar hard genoeg zegt.
- Een feit is datgene wat genoeg mensen geloven. Waarheidsgehalte wordt bepaald door hoe fervent ze het geloven.
Het gebeurt allemaal onder het mom van democratie en vrijheid. Het aardige van Pierce's boekje is dat hij laat zien hoe figuren als Sarah Palin, die de mond vol hebben over Amerika's oude waarden, de idealen van de Founding Fathers feitelijk met voeten treden. De mannen die de Amerikaanse democratie op poten zetten wisten heel goed wat er nodig was voor het welslagen van dat project: een goed opgeleide, rationeel denkende bevolking die in staat is weloverwogen en verstandig te kiezen op basis van feiten. Maar de populisten, Palin daar en Wilders hier, zetten de feiten als eerste overboord en geven hun kiezers een vrijbrief om datzelfde te doen, of erger, bieden de kiezer als alibi hun zelfbedachte populistische 'feiten' aan, die wat makkelijker te verhapstukken zijn dan de werkelijkheid. Zo is het gekomen dat hele volksstammen tegenwoordig denken dat klimaatverandering een kwestie van geloof is. Of dat als we het tij niet snel keren, Nederland over 20 jaar onder islamitische wetgeving zal vallen. Of dat het met de veiligheid op straat een stuk beter zal worden als we minimumstraffen invoeren, tbs-verlof afschaffen en zoveel mogelijk mensen opsluiten.Lastig is het allemaal wel. Graag wordt links verweten dat het geen goed antwoord heeft op de populistische beweging. Maar er is geen goed antwoord op zulke gekte. Er zijn maar twee opties. Zelf ook heel hard onzin gaan roepen die goed verkoopt. Of, veel beter, je gezonde verstand bewaren en de feiten voor het voetlicht blijven brengen. Dat laatste helpt natuurlijk evenmin, want getuigt van elitaire minachting voor de populistische kiezer die zich dus alleen maar harder van je afkeert – maar in elk geval blijft je integriteit intact. Verder moeten we dan maar bidden en erop vertrouwen dat al deze idiotie snel over zijn eigen benen struikelt.
Gepost door Martien op 21:53 View Comments
woensdag 11 november 2009
Zum Wohl!
Carl Sagan was een held. Tegenwoordig wil je nog wel eens een film in het rampengenre zien waar de wetenschapper een toffe jongen is, ook al heeft dat vaak minder te maken met zijn academische verdiensten en zijn verbeten strijd tegen een corrupte overheid, dan met het feit dat hij wordt neergezet als een stoere vrijbuiter met een driedagenbaard op de vierkante kaak en een woeste net-uit-bed-kuif daarboven. Maar in 1980 was geleerdheid beslist niet cool. Als je slim was, was je een nerd, en vermoedelijk een gestoorde engerd ook nog. Toch kwam Sagan in die jaren onverschrokken op de proppen met de televisieserie Cosmos – een revolutionair concept waarin de schoonheid van ons universum, maar meer nog de schoonheid van de wetenschap bezongen werd. Zoiets hadden we nog nooit gezien, en de titelmuziek van Jean Michel Jarre spookte na elke uitzending nog uren na. Carl Sagan heeft het tijdelijke al lang met het eeuwige verwisseld, maar Cosmos is er weer, op DVD dit keer. Helaas blijkt, net als met Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, dat er zoveel decennia na dato eigenlijk niet meer naar te kijken valt. Fout kapsel; foute jassen; heel foute, pompeuze red-de-wereld speeches uit een tijd dat de nucleaire dreiging acuut gevoeld werd; een gedragen, slepend tempo dat het in deze tijd van afstandsbedieningen en snelle clips echt niet meer doet; - en het fictieve ruimteschip waarin Dr. Sagan zijn reis door tijd, ruimte en wetenschap maakte lijkt verdacht veel op een afgedankt Toppop decor. Zoals zo vaak: het boek is beter.
Want schrijven kon Sagan als geen ander. Contact, later prachtig verfilmd met Jodie Foster, is misschien wel de meest intelligente science fiction roman ooit – zo zou het echt kunnen gaan wanneer een buitenaardse beschaving contact met ons zoekt. Het allermooiste daarbij is Sagan's onwankelbare optimisme. De buitenaardsen hebben het goed met ons voor. In een ander mooi boek, Pale blue dot, legt hij dat uit: als een beschaving een hoog technologisch ontwikkelingsniveau bereikt heeft en zich vervolgens over millennia weet te handhaven moet zij wel vreedzaam en ecologisch bewust zijn, anders had ze zichzelf al lang vernietigd. Carl Sagan had niets op met boosaardige aliens zoals UFO-fanaten die overal zeggen te zien, die de aarde komen veroveren en al doende een merkwaardige obsessie met seks aan de dag leggen.
(De wonderlijke, biologisch nogal lastig te verstouwen, maar door duizenden aangehangen notie dat buitenaardse intelligentsia lichtjaren overbruggen om met aardse vrouwen nieuwe hybriden te kweken was aanleiding voor een van de meest geniale scènes ooit in The Simpsons, waar de arme Marge een alien abductee wordt:
)Kang: Congratulations. You have been selected for our cross-breeding program.
Kodos: To put you at ease, we have recreated the most common spawning locations of your species. You may choose either
[as Kodos lists the choices, he highlights a mock-up of each
one]
the back seat of a Camaro,
an airplane bathroom,
a friend's wedding,
or the alley behind a porno theater.
Marge: I absolutely refuse to go along with this; [pause] but since I have no choice, I'll take the alley.
[the alley set slides behind the couch. Kang retracts his
helmet and sits next to Marge]
Kodos: Initiate fertilization procedure.
Kang: Oh, you look lovely this evening. Have you decreased in mass?
Marge: [voiceover] I tried to resist, but they applied powerful mind-confusion techniques.
Kang: Look behind you.
[Marge looks, and Kang quickly uses a ray gun to beam
something on her]
Insemination complete. [deploys space helmet]
Marge: Really? That seemed awfully quick.
Kang: What are you implying?
Marge: Nothing, nothing.
Kang: Whoa, wow, look at the time. I'd love to stay but I have an early meeting tomorrow. You're a super girl, though. I'll call you sometime.
[pushes a button marked "dump." The couch cushion tilts up,
and Marge falls back to Earth through a chute]
Daar had Carl vast hartelijk om moeten lachen. Maar verder had hij weinig op met dat soort fantastische verhalen. Dat legt hij dan weer uit in zijn allermooiste boek, The demon haunted world. Dat draait om de vraag hoe het komt dat mensen in grote getale blindelings bereid zijn allerlei verhalen voor waar aan te nemen zonder dat er maar een greintje bewijs voor bestaat. Nog nooit, stelt Sagan verbluft vast, waren zoveel mensen zo goed opgeleid en was zoveel kennis zo breed toegankelijk; hoe kan het dan dat niettemin meer dan de helft van de Amerikanen in spoken gelooft? The demon haunted world is vaak erg vermakelijk door de genadeloze en toch bijna liefdevolle manier waarop de schrijver de onzinnigheid van spokengeloof, UFO-verhalen, graancirkels, Mariaverschijningen en andere onaardsheden blootlegt. Maar onder de zachte spot voelen we steeds een bezorgdheid, zelfs een angst, die Sagan naar het einde van het boek ook uitspreekt. Goedgelovigheid is gevaarlijk. Het klakkeloos voor waar aannemen van verhalen zonder bewijs is de grondslag van totalitaire regimes, van racisme, van politieke en justitiële misstanden, van fundamentalistische religie. Er vallen doden door.
Jammer genoeg zijn boeken als The Demon haunted world altijd preken voor eigen parochie. Ze worden met liefde en smaak gelezen door mensen die het toch al met Sagan eens waren; al die anderen, de wichelroedelopers en de metamorfosemasseurs, die vinden dat de wetenschap 'ook maar een geloof is', of zelfs een georganiseerde samenzwering om hogere waarheden te verdoezelen, laten zulke boeken links liggen. Hoe jammer dat is blijkt dezer weken weer eens nu de samenzweringstheorieën als paddenstoelen uit de grond schieten rond de Mexicaanse griepvaccinatie. Internet geeft iedere losgeslagen idioot een stem, en andere losgeslagen idioten een grenzeloze bron van zelfbevestiging. Boze, mislukte artsen gooien het over de paranoïde boeg en worden alsnog wereldberoemd. Met droge ogen wordt beweerd dat het aan de medische samenzwering te danken is dat we steeds minder gezond zijn - in een westerse wereld waar de gemiddelde levensverwachting ieder jaar met enkele maanden toeneemt en het aandeel ernstige ziekten in de bevolking gestaag daalt. Waar doe je het als wetenschapper allemaal voor, vraag je je af. Massa's mensen die beter zouden moeten weten lopen liever het risico dat hun kind sterft aan een lullig virusje dan dat ze zelfs maar willen overwegen zich een keer tot de feiten te beperken. Lichtgelovigheid en gebrek aan scepsis zijn gevaarlijk, inderdaad. Vooral in een verwende samenleving die verslaafd is aan zelfbedachte angsten.Ik ben tegenwoordig een risicogroep, dus kreeg ik een uitnodiging voor de Mexicaanse griepvaccinatie. Op het gevaar af nu een met nanochips doorspoelde slaaf van gestoorde wetenschappers en boosaardige politici te zijn, ben ik gegaan, meteen. Toen de spuit erin ging dacht ik, 'Op jou, Carl! Cheers!’
Gepost door Martien op 15:25 View Comments
Labels: Gekte, Geloof en bijgeloof, TV, Wetenschap
dinsdag 22 september 2009
Off to see the wizard
Terwijl vandaag mijn laatste portie duur vergif naar binnen liep deed Oprah het eeuwige leven. Naast haar zat een enge man die gepresenteerd werd als Dr. Oz, om onverklaarbare redenen in een operatiepak gehuld, en met een grijns zo breed dat die ternauwernood tussen de armleuningen van zijn zetel paste. Een toonbeeld van het type stuiterende opgewektheid dat alleen verklaard kan worden door een forse overdosis voedingssupplementen, die de Doctor naar alle waarschijnlijkheid akelig voortijdig naar Oz zullen helpen door de aanmaak van een rare, nare tumor waarvan het bestaan nu nog door niemand wordt vermoed.
Het is, zo vertelde hij daarentegen echter, voor u en mij en iedereen een makkie om honderdvijftig jaar te worden (nou ja, voor mij misschien iets minder een makkie dan voor u). Minder eten, meer groenten, meer vis, et voilà! Nou lijkt het mij helemaal geen goed idee om met zijn allen hondervijftig te worden. Je wilt je niet eens voorstellen hoe de Zonnebloemboot er dan uit gaat zien – een tienbaks Zonnebloemduwboot. De wereld zal overwoekerd worden door bejaardensozen. Golfbanen en bridgeclubs raken zo verstopt dat bal noch kaart meer te bekennen zijn. Je kunt de voordeur niet meer uit of je moet invoegen in onafzienbare colonnes Nordic walkers. Trottoirs moeten worden verbreed met rollatorstroken, en wegen met scootmobielbanen. Over Marbella, Wenen, Engeland en Florida, ocharme, zwijg ik dan maar helemaal. Hoe moeten we dat allemaal gaan bolwerken in een wereld waar een verhoging van de AOW-leeftijd met een schamele twee jaar al een parlementair steigerpunt is? De AOW-leeftijd moet naar honderdvijftien jaar als Dr. Oz zo door gaat!
Maar dat zal Oprah een zorg zijn. Zij beperkt haar gravende analyse tot een doorleefd ‘Oh wow’, en schakelt ons door naar David Murdock, een vijfentachtigjarige miljardair met het zelfde stuitersyndroom als Dr. Oz. David weet zeker dat hij de honderdvijfentwintig gaat halen. Je ziet zijn oogjes flonkeren van pret bij de gedachte aan al zijn dierbare, popelende erfgenamen, die hij nog eens veertig jaar lang gaat onderhouden met zijn welbekende, feestfnuikende anekdotes over hoe hij het van zes cent naar multipele miljarden heeft geschopt - een tranentrekkend langdradige geschiedenis die niet per se aan glans wint door de ingelaste uitweidingen over zijn gezonde leefstijl, zijn groenteshakes en zijn push-ups (nee David, push-ups doe je met een rechte rug, vanuit de armen) en al die andere weerzinwekkend jeugdige bezigheden waardoor hij, godbetert, almaar niet dood gaat. Het is maar goed dat het verkeer ook gevaarlijk is.
Voor de bijdetijdse eeuweling in spe zijn natuurlijk prachtige high tech voorzieningen voorhanden, zoals de denkende plee die in Japan al helemaal de rigueur is ('Oh wow!'). Analyseert wat u plast terwijl u nog sast. Ieder spoortje eiwit, suiker en bloed wordt feilloos gedetecteerd zodat u zich, het papier nog aan de billen, direct in gillende paniek naar de dokter kunt spoeden, want o hemel, ik heb foutgepiest en ik ben toch pas achtennegentig! Daar zal de huisarts blij mee zijn, die ook nu al negentig procent van zijn tijd ziet opgaan aan zeurkousen, hypochonders en aandachtsbehoeftigen. Maar de implicaties van dit soort voorzieningen stemmen Oprah wederom tot weinig diepere gedachten, laat staan tot zorgen – zij houdt het bij haar beproefde ‘Oh wow!’.
Ik heb tijdig afgeschakeld, het werd me wat grijs voor mijn ogen.
Gepost door Martien op 22:51 View Comments
Labels: Gekte, Impressie, Leven en dood, TV
dinsdag 23 juni 2009
Vlees
Voor me in de rij in de kantine stond een mij niet bekend meisje met een blik van afgrijzen in de vleeswarenvitrine te kijken. Ze had die ongezonde, bleekgroene huidskleur die je wel vaker ziet bij vegetariërs van het meer fanatieke soort. "Laatst had ik per ongeluk een stukje spek in mijn mond," vertelde ze ademloos van ontzetting aan haar collega. "Was ergens in terecht gekomen waar het niet hoorde. Zo VIES! Het was WAL-GE-LIJK! Ik dacht, nou heb ik een stuk dood dier in mijn mond...!"
Kijk, zo iemand zou ik nou dolgraag eens een weekje op een frikandellendieet zetten.
Gepost door Martien op 13:15 View Comments
Labels: Banaliteiten, Gekte
dinsdag 16 juni 2009
Vrijcijferij
In Denemarken heerst gelukkig wel echte vrijheid van meningsuiting. Daar kan onze Geert eindelijk vrij ademen, en nadat hij zijn vrijheidslievende longen eens diep heeft volgezogen met bevrijdende Kopenhaagse lucht komt hij er eindelijk toe vrijuit te zeggen hoe erg we er in Europa voorstaan, islamgewijs.
En dat is erg. Geert zegt: tachtig procent van alle misdrijven in Nederland wordt door immigranten gepleegd, en overwegend door moslims.
Het CBS zegt: in 2002 (het enige jaar waarvan we deze gegevens hebben) werden in Nederland 163.476 personen van een misdrijf verdacht. Daarvan waren er 102.214 (63%) autochtoon, en 61.262 (37%) allochtoon. Van de allochtonen waren er, afgaande op nationaliteiten, hooguit 21.170 (35%) moslim.
Wij suggereren Geert een kleine correctie: van de criminaliteit in Nederland wordt, voor zover we weten, waarschijnlijk ongeveer één derde door immigranten gepleegd, en ongeveer één achtste door moslims. Wij vergeven hem dan maar de futiele onnauwkeurigheid dat een groot deel van de moslims in Nederland helemaal geen immigranten zijn, maar Nederlanders.
Geert zegt niks. Geert heeft het niet zo op cijfers. Althans, niet op cijfers die hij niet in alle vrijheid zelf kan verzinnen.
Madeleine de Boer, promovendus aan de Universiteit van Utrecht zegt: uit onderzoek blijkt dat jongeren uit de grootste vier allochtonengroepen, waartoe Marokkanen en Turken behoren, er precies dezelfde opvattingen op na houden over misdaad en straf als autochtone jongeren.
Geert, luister je nog? Luister je eigenlijk ooit wel eens?
Geert schreeuwt: tientallen miljoenen joden moslims maken zich in Europa schuldig aan misdrijven of zitten in duistere hoekjes complotten te bouwen en te fantaseren over sharia en kalifaat.
Minister van der Laan zegt: Er wonen in heel Europa maar twintig miljoen moslims.
Frans Driessen en Beate Völker zeggen: Op basis van het beschikbare onderzoek moet ernstig betwijfeld worden dat er een verband is tussen cultuurkenmerken en criminaliteit. Juist jongeren die zich sterk identificeren met de stamcultuur en bijvoorbeeld streng islamitisch zijn, zijn relatief zelden betrokken bij criminaliteit.
Geert zegt niets. Hij heeft het waarschijnlijk te druk met bedenken hoe hij al die miljoenen joden moslims Europa uit krijgt. Hoeveel luchthavens moet je hoe lang afhuren voor zoiets? En waar vlieg je al die Nederlanders, Fransen, Duitsers en Denen, want dat zijn ze de islam ten spijt toch heus, naar toe? En hoe houd je die deportatie Endlösung volksverhuizing veilig? Daar gaan onafzienbare cordons ME aan te pas komen, dat is wel duidelijk, en laat Geert nou een hekel hebben aan cordons. Net als aan cijfers die hij niet zelf verzonnen heeft.
In het door waterstofperoxide verbleekte brein van Geert Wilders is een akelige omwenteling in gang. Zei hij ooit, ‘alles wat islamitisch is, is slecht’, in Denemarken zegt hij nu, ‘alles wat slecht is, is islamitisch’.
Gepost door Martien op 22:34 View Comments
vrijdag 5 juni 2009
Onwijs
De Dalai Lama is in den lande. “Ik ben maar een gewone boeddhist,” schijnt hij gezegd te hebben. Klaboem, de eerste leugen meteen binnen. Gewone boeddhisten reizen niet de wereld af om moppen te tappen in afgeladen zalen vol spiritueel zoekenden. Ik vertrouw ze voor geen cent, deze beroepswijzen. Al helemaal niet als ze zoveel lachen.
Wat de aanhangers in drommen naar de goedlachse goeroe doet toetrekken is gelukkig, naar ik in de krant lees, vertrouwd westers en eigentijds. De leer die hij verkondigt is zo lekker makkelijk. Geen dogma’s; geen regels waaraan je je hoeft te houden; niemand die oordeelt. “De waarden spreken me aan. Je hoeft niets in dit geloof,” zo legt Liesbeth Stöver uit Leusden uit in een moment van onbedoelde zelfonthulling. Een andere vrouw voelt zich aangetrokken tot het ‘aspect van zelfloosheid’. Net als Marina van der Braam, die al sinds 1986 boeddhist is. Zij ziet het zelfloze boeddhisme helemaal niet als een geloof, maar meer ‘als iets voor mezelf'.
Huh?
Erika Terpstra verklaarde in haar diepste kern te zijn geraakt na te zijn ondergedompeld in de Dalailaamse Oceaan van wijsheid – een wetenschap die we verder maar liever met de mantel der liefde bedekken. Maar over jezelf verklaren dat je erg spiritueel bent lijkt me op een of andere manier een tamelijk overtuigend bewijs van het tegendeel. Helemaal wanneer je dat doet in een hal vol verkoopstandjes.
Nee, ik vertrouw ze voor geen cent, deze met superlatieven omhangen maar toch zo gewone en bescheiden Wijze Mannen. Het was niet helemaal toevallig dat ik bij een Dalai Lama reportage dezer dagen ineens moest denken aan een cello masterclass door Rostropovitsj, die ik jaren geleden bijwoonde in het Concertgebouw. Rostropovitsj, zo’n leuke man! werd mij allerzijds verzekerd voor ik ging. Sommige cellogenootjes spraken dweperig over hem alsof hij een lieve, halfdemente suikeroom was. Zo gewoon en bescheiden! En wat een grootheid niettemin!
Nou zal ik de laatste zijn te bestrijden dat Mstislav een groot cellist was, al was zijn stiel niet de mijne en tref je hem in mijn CD-kast dus amper aan. Maar gewoon en bescheiden vond ik hem die middag in Amsterdam allerminst. Ik vond hem eerder een bombastische, zelfingenomen kwast. Wordt daar maar mee geconfronteerd als je een klein Pools meisje van zeventien bent dat het podium komt oplopen en daar moederziel alleen moet gaan zitten, met enkel een cello als borstwering.
Ik kreeg het bijkans plaatsvervangend benauwd. Daar zit je dan, frêle meisje achter een grote cello, honderden verwachtingsvolle oogjes op je gevestigd en op rij één de grote Maestro zelf, die je ook al aankijkt met een blik waarvan je niet helemaal zeker weet of die welwillend is of niet toch besmet met een sprankje anticiperend leedvermaak. Wat doe je dan – natuurlijk, even contact zoeken met je instrument. Voordat je begint, vast even de weerstand van de snaren voelen en het gonzen van de kast: met een paar snelle streken stemde het Poolse meisje haar instrument nog een keer af.
Rostropovitsj zag zijn kans schoon. “Stop, stop please… can I ask, what is this piece you are playing?” Hilariteit in de zaal natuurlijk - wat een heerlijk grappige man toch die Rostropovitsj! Zo gewoon en bescheiden ook. Verbouwereerd keek het meisje hem aan. “I’m tuning,” klonk het aarzelend. Waarna de maestro haar de les las over dat je dat niet op het podium doet, maar tevoren in de kleedkamer. Voorwaar een les waar een Rostropovitsj aan te pas moet komen – een les, overigens, gelogenstraft door legio grote cellisten die wel op het podium afstemmen.
Daar zit je dan. Frêle meisje achter een grote cello, honderden verwachtingsvolle oogjes op je gevestigd waarin het sprankje anticiperend leedvermaak nu iets meer is geworden dan een bang vermoeden, en je bent al afgegaan voordat je begonnen bent.
“Jij rotzak,” dacht ik.
Maar het Poolse meisje liet zich zomaar niet uit het veld slaan. Met doodsverachting smeet ze een meer dan respectabele lezing de zaal in van het eerste deel van Kodaly’s solosonate, het mooiste maar ook het moeilijkste dat ooit voor cellosolo geschreven is. De zaal had ze daar zo mee gewonnen, maar Rostropovitsj liet zich minder gemakkelijk vangen. Die zei geen woord over wat geklonken had, kwam niet op het idee om te openen met een compliment, maar begon een oratie over het volkomen irrelevante feit dat hijzelf dit stuk nooit gespeeld had, omdat de scordatura stemming van de C-snaar zich niet liet verenigen met zijn absolute gehoor: de noten op de pagina kloppen immers niet met wat er klinkt. Nog voor er tijd was deze opmerking te doorgronden, die een sterk maar ongrijpbaar vermoeden van onzinnigheid opriep, was de maestro al verder weggedreven in zijn mijmeringen, en langs onnavolgbare wegen beland in nog irrelevantere regionen zoals zijn vele persoonlijke contacten met staatshoofden van uiteenlopend pluimage.
Heerlijke man, die Rostropovitsj, wat een rasverteller; en toch zo bescheiden en gewoon. Het Poolse meisje zat er als een elegant decorstuk naast, te wachten tot ’s Maestro’s ego zichzelf voldoende bevredigd had om misschien weer eens bij zijn pupil stil te staan.
Dalai Lama, Mstislav Rostropovitsj; - blijf liever uit de buurt van bewierookte Grote Leermeesters. Vooral het soort dat graag en veel om zijn eigen grappen lacht. Het blijken maar al te vaak gezwollen narcisten die grossieren in banaliteiten en gemeenplaatsen.
Gepost door Martien op 19:16 View Comments
dinsdag 6 januari 2009
Geesteskinderen
OK, het is nu officieel. We worden met zijn allen langzaam stapelgek. Kijk, de Nederlandse publieke omroep was natuurlijk altijd al best wel een treurige bedoening vergeleken bij de BBC, maar dat EénVandaag een filiaal is geworden van AstroTV dat was voor mij toch nieuw. Daar presenteerde Pieter-Jan Hagens zonet met droge ogen een item over paranormaal begaafde kinderen, kinderen die spoken zien. Een item waarin geen grammetje nuchter verstand en geen woord van twijfel te bekennen was. Natuurlijk, Israël tegen Gaza wordt zo langzamerhand best een beetje duf, maar je kunt op zoek naar originele alternatieven ook overdrijven. Als EénVandaag een krant was, zegde ik hem bij deze op.
Noëlle is 16 en ziet dode mensen. Zeven stuks, om haar bed. Ze vond het in het begin doodeng. Joey van 9 ziet ook al spoken; hij ziet stoelen helemaal vanzelf onder de tafel vandaan schuiven, en ziet gestalten met lichte en donkere aura’s, de goeien en de kwaaien. Gelukkig ‘doen ze niks’, en omdat ze nog wel eens antwoord willen geven op vragen blijkt hun aanwezigheid soms handig bij proefwerken. Mogen we Joey’s cijferlijst even zien? Op een dag verscheen spontaan een afbeelding van een geweer op de luxaflex in zijn slaapkamer. Daar schrok zijn moeder toch wel van. Ze toont ten bewijze een wazige foto van het bovennatuurlijke fenomeen. De gedachte dat het hier een creatieve uiting van haar met een erg levendige fantasie begaafde spruit zelf betreft komt kennelijk niet in haar op.
Ook niet bij Pieter Kousemaker, klinisch psycholoog, die als volgende aan het woord komt. De stem van de rede, denk je hoopvol, maar vergeet het maar. Kousemaker heeft in deze tijden van kassaknijpende DBCs en genadeloze concurrentie een onontgonnen markt gevonden, en Nederland zal het weten. Margriet had hij al in zijn zak, tijd voor televisie. Het stikt natuurlijk van de zweefmoeders en parapappa’s die maar wat blij zijn hun bespookte kroost bij een begripvolle loog te kunnen onderbrengen. Kost maar honderdtwintig euro per uur, binnen acht dagen te voldoen. Of telepatische stortingen ook worden geaccepteerd wordt niet vermeld. “Deze kinderen zijn niet getikt, ze hebben ervaringen waar de psychiatrie langsloopt." Hij heeft er zelfs een nieuw woord voor bedacht: transpersoonlijke ervaringen noemt hij het. "Deze kinderen zijn bijzonder.” Maar ja, welk kind is dat tegenwoordig niet. Hoewel, bij nader inzien heeft Pieter Kousemaker ook nog een praktijk voor kids die geen last hebben van geestigheid, maar door meer aardse troebelen worden gekweld. Die kinderen blijken niet bijzonder te zijn, nee, die kinderen zijn speciaal.
We flitsen door naar een exotische, grijsbelokte mevrouw met een ruim bemeten keuken. Ze heet Bianca Benazir en ze heeft een boekje geschreven, Help, ik zie spoken! Speciaal voor kinderen vanaf tien, zodat ze er niet meer aan hoeven te twijfelen dat wat ze zien echt is, en zodat ze misschien een geestloos vriendje of vriendinnetje ook nog over de streep kunnen trekken. Omdat ze zelf ook bijzonder is weet Bianca er alles van. “Het bestaat, erken het!” Haar eigen ouders hebben haar in al haar bonte paranormaliteit altijd serieus genomen, met alle gevolgen van dien, want nu doet ze het met haar eigen dochter ook. Min of meer en passant floept hier een interessant detail tevoorschijn: ze is de moeder van Noëlle-van-de-zeven-bedgasten. Hm, denk ik op zijn Tom Poes’, maar het wordt nog erger. Noëlle, zo blijkt, is de helft van een tweeling waarvan de andere helft dood geboren werd. Toen ze twee was begon ze spontaan tegen haar dode zusje, waarvan ze het bestaan niet wist, te praten. Dat beweert althans Bianca. Noëlle zelf herinnert zich daar niets van, maar heeft wel later ooit gemeend haar zusje in een steegje te zien staan.
Mag ik een teiltje! Randpsychotische mevrouw komt niet rond met het trauma van een halve miskraam, praat de wel overlevende helft van de tweeling daardoor een spook aan, en krijgt als kroon op het werk nu per nationale TV het predicaat van goedkeuring voor dit mismoederschap. Met wetenschappelijk waarmerk, courtesy of Pieter Kousemaker, klinisch psycholeugenaar. Bloemers, Mörner, Van Lommel, en nu dit. Altijd weer die pensionado's! Ga naar de Costa del Sol, man! Maar nee, Kousemaker ziet volgaarne af van een welverdiend pensioen om zijn wijsheden met ons te kunnen delen. Deze kinderen, zo weet hij stellig zeker, bevinden zich op een domein waar de wetenschap met lege handen staat. Vergeleken met hen zijn wij als kleurenblinden, niet in staat de schoonheid van een zonsondergang te zien. “Er is een vorm van communicatie die wij niet zien en die toch plaatsvindt.” Mag ik daar uw literatuurreferentie even bij hebben, amice? En kom alsjeblieft niet aan met Eindeloos Bewustzijn, want dan geef ik u daar zo’n optater mee dat u blij bent als u na een poosje weer eens vijf minuten bewust bent.
Kousemaker vindt dat de paranormale ervaringen van kinderen, waarvan we volgens hem ‘al vele jaren weten dat ze voorkomen’ – wie ‘we’ zijn zegt hij er niet bij - niet moeten negeren, maar de kinderen er sterk in moeten maken. Ze moeten hun angst overwinnen om er in het openbaar over te praten. Je gelooft je oren niet. Kan het NIP alstublieft onmiddellijk tot royement overgaan! Deze kwast maakt zich onder het mom van de psychologie tot handlanger van disfunctionerende ouders en duwt kinderen hun ‘speciaal-zijn’ zodanig door de strot dat je er van op aan kunt dat ze voor de rest van hun leven als semi-sporende looney tunes over de wankele marges van de normaliteit dwalen, op zoek naar misschien nog een snippertje gezond verstand. Tenzij natuurlijk de trend zich voorzet en we over een paar decennia collectief verdwaald zijn in het soort waandenkbeelden waar Kousemaker een hele praktijk op heeft gebouwd - die hij met een vanzelfsprekendheid die de gek en de crimineel in gelijke mate kenmerkt Psynteger heeft genoemd. Burps. Excuse me. Ik moet alweer een teiltje…
Gepost door Martien op 20:18 View Comments
zondag 30 november 2008
Respect
Wetenschapsfilosofen Herman de Regt en Hans Dooremalen schreven een boekje met de treffende titel Wat een onzin!. Daarin stellen ze zonder pardon alle abracadabra aan de kaak waar onwaarschijnlijke hordes landgenoten zomaar klakkeloos in geloven, van Dr. Pims zogenaamd wetenschappelijk bewezen leven na de dood tot Derek Ogilvie’s zogenaamde contact met overledenen. Reden voor De Volkskrant om de heren academici in een interview nog wat nader aan het woord te laten. Het resultaat was voorspelbaar. In de ingezonden brieven rubriek buitelden de zweveriken over elkaar heen om deze onbestaanbare wetenschappelijke arrogantie eens goed aan de kaak te stellen.
Wat daarbij vooral pijnlijk in het oog springt is het onwaarschijnlijk primitieve denkniveau van de briefschrijvers. Elektriciteit kun je niet zien en bestaat toch ook? zo werpt Nico Sjerps uit Amstelveen in de strijd. Je vraagt je af wat zich afspeelt in de oersoep tussen ’s mans oren. Elektriciteit kun je niet zien en bestaat tóch, spoken kun je evenmin zien en bestaan dus ook, dat is de kennelijke achterliggende redenering. Meneer Sjerps vergeet even dat om de vraag te beantwoorden of elektriciteit bestaat, hij alleen maar op een lichtknopje hoeft te drukken. Je kunt elektriciteit weliswaar niet met je ogen zien, maar we kunnen haar opwekken, manipuleren, meten en geleiden; we kunnen tot in de finesses voorspellen hoe ze zich zal gedragen. Zodra meneer Sjerps een spook heeft gevonden waarvoor hetzelfde geldt, mag hij terug komen.
Maar dat is niet het ergste uit zijn brief. Het ergste is de neerbuigende Überlegenheit waarmee hij De Regt en Dooremalen maant niet zo puberaal te doen, maar als heuse volwassenen andere meningen naast de hunne te laten bestaan en te respecteren. Nico Sjerps wil respect voor mensen die in onzin geloven. In dit arrogante staaltje zelfoverschatting gaat een drogreden schuil die paranonsensadepten met graagte hanteren: de wetenschappelijke kijk op de wereld is ook maar een mening, en alle meningen zijn evenveel waard.
Echt waar? Dat de aarde om de zon draait, een kwestie van opinie? Dat elektriciteit bestaat, het is maar wat je gelooft, als je denkt van niet doet je lichtknopje het niet meer?
Je vraagt je af wat deze mensen eigenlijk voor de geest staat als ze aan wetenschap denken. Maar dat het weinig te maken heeft met wat wetenschap is, dat is wel zeker. De wetenschap, immers, doet niet veel anders dan vragen, ‘hoe weet je dat zo zeker?’ en ‘waar is je bewijs?’. In belangrijke mate is zij niet meer dan geïnstitutionaliseerd gezond verstand. Hoogstens is ze wat secuurder in het onderzoeken van bewijsstukken en het verkennen van alternatieve verklaringen. Als meneer Sjerps nu beweert dat spoken bestaan, of dat aliens ons bezoeken, of dat bomen zielen hebben, of dat Bigfoot door de Amerikaanse wouden zwerft, wat is er dan zo puberaal en respectloos aan om te vragen, ‘hoe weet je dat zo zeker?’ en ‘waar is je bewijs?’. Helemaal niets, natuurlijk. Maar meneer Sjerps en zijn kornuiten vinden zulke vragen erg vervelend omdat ze voelen dat er meer is, maar eigenlijk niet zo goed kunnen uitleggen waarom - en bewijs, dat hebben ze al helemaal niet. Sjerps & Co. vinden het gewoon fijn om te geloven wat in hun kraam te pas komt. ‘Spiritueel’ noemen ze dat, met het meest uitgewoonde woord in de Nederlandse taal. Mij lijkt ‘puberaal’ nog teveel eer, dit is ruimschoots prepuberaal, het is infantiel.
Maar ja, als ik dat beweer ben ik natuurlijk ook zo’n ‘fundamentalistische’ wetenschapper die ‘de waarheid in pacht heeft’. Het is nog nooit in meneer Sjerps schemerige hoofd doorgedrongen dat de wetenschap wel de laatste wereldkijk is die in waarheden grossiert – dat kun je over het algemeen veel beter aan religies en gelovigen overlaten. Wetenschap verzamelt bewijzen, ontwerpt op basis daarvan theorieën over de werkelijkheid, en verwerpt die weer wanneer waarnemingen worden gedaan die niet met de theorie stroken. Sterker nog, met welhaast masochistische vastberadenheid wordt gezocht naar situaties die de theorie ontkrachten. Wie begrijpt hoe dat werkt, en dat doet Nico Sjerps beslist niet, evenmin trouwens als Peter van der Wurf uit Geldrop, begrijpt ook dat wetenschappers nooit zullen beweren dat ze hebben bewezen dat iets niet bestaat. Meneer van der Wurf uit Geldrop slaat een zielig modderfiguur met zijn ironisch bedoelde ‘Chapeau!’ voor de wetenschappers die eindelijk hebben bewezen dat God niet bestaat, noch een leven na de dood.
Bewijzen dat iets niet bestaat is namelijk onmogelijk. Stel u een wezen voor dat u lachwekkend absurd voorkomt, echt, u mag er van maken wat u wilt, paarse stippen, gifgroene kippenpoten, zes paar vlindervleugels, geneigd in paringstijd luidkeels aria’s te zingen uit Lucia di Lammermoor… have a ball, maar zorg dat het iets is waarvan uw geestelijke gezondheid en uw goede smaak het u onmogelijk maken te geloven dat het bestaat. En vraagt u zich nu eens af hoe u een ander gaat bewijzen dat dit vreemde, verrassend muzikale wezen feitelijk niet bestaat. Daar kunt u heel lang over nadenken, het gaat u niet lukken. Maar u zult wel merken dat u met een grote mate van waarschijnlijkheid aannemelijk kunt maken dat het niet meer dan een fictie is. Er bestaan bijvoorbeeld geen consistente, onafhankelijke waarnemingen van. Het is nooit gefotografeerd. Nooit is een noot gehoord, laat staan op band vastgelegd, van zijn doorleefde Regnava del silenzio, zelfs niet door die Italiaanse expeditie die, verdwaald in de Boliviaanse jungle, toch hunkerde naar iets te eten en een paar maten Donizetti...
Kijk, het is zo. Mensen mogen geloven wat ze willen. Maar zodra gelovigen beweren dat hun overtuigingen over meer gaan dan alleen hun eigen subjectieve beleving, dat zij daadwerkelijk iets zeggen over de werkelijkheid buiten hun hoofd, over de objectieve werkelijkheid van de kosmos, dan mag de wetenschap vragen, ‘hoe weet je dat zo zeker?’ en ‘waar is je bewijs?’. En dan mag de wetenschap (en het gezond verstand) bij gebrek aan enig deugdelijk bewijs ook vaststellen dat er heel weinig reden is om aan te nemen dat echt sprake is van meer dan een hersenspinsel, een wens die weer eens een gedachte op de wereld heeft geschopt. Zodra een of andere zweverik een betere manier gevonden heeft om fabeltjes van feiten te scheiden hoor ik het graag.
Gepost door Martien op 15:35 View Comments
Labels: Gekte, Geloof en bijgeloof, Wetenschap
zaterdag 1 november 2008
Rijksmuseum wordt Tiffany-filiaal
Circus Hirst is geland. Het Rijksmuseum wil tenslotte ook wel eens een douceurtje in deze bittere tijden van eeuwigdurende verbouwing, en bovendien trekt Hirst, zo meent men daar, een nieuw publiek naar het museum – de waan dat kunst voor iedereen moet zijn en dat iedereen naar kunst moet kijken is maar moeilijk uit te roeien. Hirsts obscene diamantschedel gaapt ons al wekenlang vanuit advertenties aan en nu dan, als u wilt, ook van aangezicht tot aangezicht, van tussen twee bewakers, terwijl u ongetwijfeld benauwd ingeklemd in een menigte mede-kermisgasten langsschuifelt. Een confrontatie met de dood, zegt de kunstenaar ermee bedoeld te hebben, maar dat is een beetje jokken. Als er ooit een bon vivant is geweest is het Hirst wel, en zijn nieuwste eksterfeest heeft net zoveel met de dood te maken als Yab Yum, de André van Duinshow of Robert Schoemacher. Zet For the love of God je aan het denken? Misschien, maar dan toch hooguit over de toestand van de kunst in de 21ste eeuw, en als kunst over de kunst gaat is het net als wanneer journalisten over journalistiek schrijven en schrijvers over schrijverschap: komkommertijd.
Dat Hirst een handige marketeer en een artistieke windbuil is daagt intussen links en rechts wel, ook in de Volkskrant, die toch gewoonlijk best ver wil gaan om esoterische excessen in de kunst te promoten. Het is alleen jammer dat de twijfels over deze potsenmaker vervolgens zes kolommen breed worden uitgesmeerd (waarin de verslaggeefster zich, kennelijk nogal in de war door de ervaring, beklaagt over de extreme eisen die Hirst stelt aan het uitlenen van zijn meesterwerk, zoals een verbod te fotograferen, terwijl dat in mijn ervaring in elk museum van kracht is. De rest, de bewakers en wat al niet, is natuurlijk gewoon onderdeel van de zorgvuldig gemanagede hype, niet anders dan de operadiva die vergulde badkranen eist en elke avond drie sinaasappelen, rechtstreek ingevlogen nadat ze die ochtend zijn geplukt in de voorhof van de Mesquita in Cordoba. Als je maar flink op je strepen gaat staan denken mensen vanzelf dat er iets bijzonders aan de hand is).
Alsof het niet genoeg is doet de zaterdagbijlage er nog een paginagroot interview bovenop, waar de meester onzin uitkraamt van het soort dat zijn veilingstunt heeft bewezen dat alle kunstenaars hun werken direct kunnen verkopen zonder tussenkomst van galleries - alle kunstenaars die Hirst heten, bedoelt hij natuurlijk. Verder laat hij weten dat hij naar zijn eigen oordeel maar vier werken heeft gemaakt die echt goed zijn - 'de rest kun je weggooien', wat hem er niet van weerhouden heeft die rest in plaats daarvan toch maar voor vele tientallen miljoenen te verkopen. Het maakt niet uit, hij kan zeggen wat hij wil, want Hirst weet het als geen ander: àlle publiciteit is goede publiciteit; hij maakt de Volkskrant behendig medeplichtig aan het pimpen van zijn windhandel. Eén tienregelig berichtje was echt meer dan genoeg geweest, want meer zinnigs is er over For the love of God heus niet te zeggen. Maar ja, look who's talking. Pot en ketel.
"Nog nooit lokte een kunstwerk zoveel discussie uit,” blaat de interactieve website die inmiddels geopend is. Want dat is de hele kunst tegenwoordig, discussie uitlokken. Al die zwevende, klikbare talking heads, waartussen zelfs royalty te ontdekken valt en die je ook nog als een zwerm over de pagina kunt slepen, zijn intussen aanzienlijk onderhoudender dan het kunstwerk zelf – mis Ans Markus niet, die de spijker op zijn kop slaat. Jort Kelder was er natuurlijk ook als de kippen bij, je vermoedt dat onder dat strakke velletje de diamanten al readymade op het schedelbot zitten. Jeroen Krabbé vindt de glitterkop ‘een topding', en schrikt er niet voor terug Hirst te vergelijken met Shakespeare, die immers met de woorden van Hamlet de dode schedel van Yorick weer tot iets betekenisvols maakte. En for the love of god, Daphne Bunskoek heeft ook een mening en is ontroerd, wat me helemaal geen goed teken lijkt.
Ziedaar de kunst van Hirst. Zij ontstond niet toen hij die schedel opduikelde, niet toen hij die in platina liet modelleren, en ook niet toen hij hem geduldig beplakte met duizenden diamanten (of, waarschijnlijker, dat in een van zijn zes ateliers door zijn voetvolk liet doen) – de kunst van Hirst ontstaat pas op die website, waar de aangelokte kijkers met elkaar een verhaal bouwen dat van die schedel iets meer maakt dan een smakeloze, dure grap. Ik zeg er niks meer over, want dat mag niet blijkens de website als je het werk niet ‘echt’ gezien hebt. Grijp je kans dus, want 16 december gaat de schedel weer verder, naar (zo lees ik in de krant) 'de grote musea van Parijs, Berlijn, Dubai'. Dubai? Groot museum? Hoe dan ook, dit artefact kan nergens beter op zijn plek zijn dan in die gloeiende, zanderige trog van nieuw geld en dure kitsch - behalve in Las Vegas, misschien. Het akeligste van al is dat me na het beluisteren van vijf of zes van die praathoofdjes op de website ineens het gevoel bekruipt dat ik iets mis en dat ik heel snel naar het Rijksmuseum moet. Kijk, dàt is nou kunst…
Gepost door Martien op 11:58 View Comments
donderdag 16 oktober 2008
Geen bezoek
Het zal u ook niet ontgaan zijn dat het bezoek niet gekomen is. Daar zit je dan, met de koffie, de koekjes, het gebak, het moeizaam ingestudeerde welkomstlied. Je vraagt je af wat er is gebeurd. Misschien was de tomtom stuk, of zat een vrouw kaart te lezen waardoor het Lichtschip in de buurt van Aldebaran een verkeerde afslag heeft genomen. Hoe dan ook, in Alabama bleef het stil. In Kaapstad ook.
En op de website van Blossom Goodchild ook. We lezen er geen woord over de intergalactische party poopers. Het enige wat er gebeurd is, is dat mw. Goodchild de commentaarfunctie van haar blog heeft uitgeschakeld. Daar begon het namelijk dinsdagnacht al reacties te regenen, bij de duizenden, van mensen die in bloeddorstige bewoordingen duidelijk maakten dat ze behoorlijk toe waren aan een portie Liefde, Licht en Vrede. En die kennelijk een ervaring als deze nodig hadden om te ontdekken dat Blossom maar een klein beetje minder gek is dan zijzelf zijn.
Maar vandaag verscheen dit filmpje op YouTube. En dan loopt het je toch koud over de lever, van de ontzettende, peilloze treurnis die er achter al dat blije bovenaardse geneuzel schuilgaat.
Paard & Zn. wenst mw. Goodchild veel succes in haar musicalcarrière.
Gepost door Martien op 15:15 View Comments
Labels: Gekte, Geloof en bijgeloof, Video
dinsdag 14 oktober 2008
Bezoek
Ik begrijp niet hoe u het klaarspeelt nog zo rustig achter uw peeceetje te zitten. Het is gewoon onverantwoord! Net als ieder zinnig mens zou u ademloos gespannen aan de buis gekluisterd moeten zijn, die is afgestemd op CNN, in afwachting van het meest sensationele breaking news ooit dat nu elk moment kan breaken! We weten immers uit zeer betrouwbare bron dat vandaag een reusachtig buitenaards ruimteschip zal verschijnen boven het warm-kloppende hart van de moderne wereld – inderdaad, Alabama. Kennelijk houden de buitenaardsen van Dixieland. Maar wacht even; nee, het kan ook Kaapstad zijn; of nog weer heel ergens anders; de buitenaardsen zijn, zoals wel vaker, niet heel goed in het verstrekken van concrete informatie.
Blossom Goodchild, die naast actrice en musicalzangeres toevallig ook een direct voice channeling medium is, professioneel nog wel, al weet ik niet aan welk instituut ze haar diploma heeft gehaald, heeft het allemaal hoogsteigens voorzien. Normaal keuvelt ze met een Indiaanse geest genaamd Witte Wolk, maar dit keer is mevrouw Goodchild in contact geraakt met een buitenaardse gezelligheidsclub die zichzelf de Federatie van Licht noemt. Men hoopt maar dat dat niet midden in een podiumoptreden gebeurde, want zoiets kan een gevoelige vertolking toch danig in de war sturen lijkt me. Wat ervan zij, de Federatie heeft haar bericht dat men van plan is de Alabamese hemel (of die van Kaapstad, of nog heel ergens anders) op te fleuren met dat imposante ruimtevaartuig, dat daar als een baken van liefde, licht en vrede maar liefst drie dagen zijn schaduw zal werpen. Hopelijk is de carbon-footprint van het gevaarte enigszins acceptabel. Overigens zal er, zo melden de buitenaardsen ietwat flirterig, verder geen sprake zijn van contact. Men komt alleen maar even langs om zich te laten zien, als een soort interstellaire potloodventer. De rest komt later wel – iets wat je uit de mond van potloodventers meestal liever niet hoort.
O zeker, de media zullen zich inspannen om het gebeuren verborgen te houden, waarschuwt de Federatie - want zo zijn ze wel, die media – maar het zal ze niet lukken! Tegen wil en dank zal Philip Freriks ons zostraks moeten vertellen over de verbazingwekkende gebeurtenissen op het zuidelijk halfrond. Heeft ie eindelijk eens een echte reden om niet uit zijn woorden te komen. Nee hoor, mevrouw Goodchild weet ook wel dat Alabama niet op het zuidelijk halfrond ligt, haast ze zich ons te verzekeren in een voetnoot bij haar opwindende aankondiging – ze heeft daarover meteen contact opgenomen met de Federatie, want als secretaresse van de aliens wil je natuurlijk wel zeker weten dat je notulen kloppen. De Federatie heeft haar vriendelijk en geduldig uitgelegd dat Alabama in lang vervlogen tijden wèl degelijk ten zuiden van de evenaar lag. Ach ja, zullen de federalisten glimlachend tegen elkaar hebben gezegd, ze is tenslotte blond… Als u er meer van weet stelt mevrouw Goodchild het niettemin op prijs als u dat aan haar doorgeeft, want het is altijd fijn je historische topografie een beetje op orde te hebben, zelfs als je een Shirley Valentine spelend professioneel medium bent.
Het belooft dus een interessante dag te worden vandaag. Zo eentje die u zich nog heel lang gaat herinneren, net als de moord op Kennedy, 9/11, de begrafenis van André Hazes en de liquidatie van de mus in de dominohal. Over veertig jaar zult u mensen nog kunnen vertellen waar u was en wat u deed toen het Grote Gebeuren een aanvang nam. Tenzij u zestig bent of zo natuurlijk, dan vertelt u over veertig jaar waarschijnlijk niet meer zoveel, althans niet zonder tussenkomst van een direct voice channeling medium. Maar interessanter nog zal zijn te zien hoe creatief mevrouw Goodchild morgen uit de hoek komt in het onwaarschijnlijke geval dat Alabama (of Kaapstad of waar dan ook) vandaag verschoond blijft van onaardse verkeersdrukte, en Philip Freriks vanavond gewoon weer het hele journaal volstottert over de kredietcrisis.
Gepost door Martien op 13:48 View Comments
Labels: Gekte, Geloof en bijgeloof
dinsdag 16 september 2008
Conserven
Damien Hirst vindt kunstgaleries maar snobistisch en elitair. Hij wil zijn diepe liefde voor de Kunst liever delen met een breed, gelijkgestemd publiek. Daarom verhandelt hij zijn helemaal niet snobistische of elitaire kunststukjes, vriendelijk geprijsd à tien, elf, twaalfmiljoen euro, vandaag heel democratisch bij Sotheby’s. Zodat ook gewone mensen als u en ik en Russische koppelbazen een kansje maken een kalf of haai op sterk water te kopen.
Zijn egalitaire nerinkje heeft de kunstenaar in één dag 141 miljoen euro in het laatje gebracht. Het is duidelijk dat Hirst niet alleen goed is in het inmaken van middelgroot vee en roofvissen.
Gepost door Martien op 19:13 View Comments
maandag 15 september 2008
Hasta la vista, baby
Ja, dat zou natuurlijk leuk zijn. Maar u voelt het ook al aankomen. Acht jaar maken de Republikeinen er een volstrekt zootje van, met als zwanezang de rap aanslingerende draaikolk waarin het land wordt toegezogen naar het afvoerputje van zijn eigen doorgeslagen leenlust - en de logische conclusie die de Greatest Nation on Earth daaruit gaat trekken is om nog maar weer eens een republikein het Witte Huis in te loodsen; misschien niet zo dom als Bush, want zo vind je er niet snel een tweede, maar misschien al wel een beetje seniel.
Dat komt omdat het Amerikaanse brein zich zo gemakkelijk laat bespelen met TV-predikantentrucs. Je schopt het verbazend ver met eindeloos gezever over god, een stevige scheut jaren ’50 family values, en een retoriek doordrenkt van oorlog; - speeches die zo doorregen zijn met fight en defend en Blut-und-Boden-trots dat je na een tijdje niet meer weet of je een prepresidentiële rede hoort of een proeflezing uit het scenario van Rocky #27. Finishing touch is een levensgeschiedenis met enkele trekken van simplistische heroïek die spreken tot de uitgemergelde verbeelding van de van blockbusters doordrenkte geest. Zes jaar in een krijgsgevangenenkamp? Zo’n jongen heeft karakter, die moet wel een fantastische president zijn… Hasta la vista, baby.
Intussen maakt Obama de klassieke vergissing te denken dat hij de kiezers zal bereiken met rationele argumenten en gezond verstand. Diezelfde kiezers die momenteel en masse naar de opticien hollen omdat ze allemaal net zo'n bril willen als Sarah Palin. Sarah, die zo'n geweldig alternatief is voor Hillary, want eh... ze is ook een vrouw! (Ik wil eerst de chromosoomtest zien). Ook dat nog: wanneer McCain de komende jaren ergens het loodje legt, wat statistisch niet heel onwaarschijnlijk is, gaat hockey mom Palin balletjes slaan op het wereldtoneel. Nou ja, ze kan in elk geval met Putin gaan jagen. Matt Damon had dit erover te zeggen – verstandige jongen, die Damon (met dank aan Tom Bonte):
Gepost door Martien op 19:58 View Comments
zaterdag 6 september 2008
Herfstdepressie
Goed nieuws voor de dames. Mocht u eens in de put zitten, dan kunt u zich dankzij de geïnspireerde visie van Martin Margiela nu zo kleden dat iedereen dat meteen kan zien. Wel oppassen bij regenachtig weer, er kan dan verdrinkingsgevaar ontstaan. Deksels zijn in deze collectie helaas nog niet opgenomen.
Gepost door Martien op 18:08 View Comments
Labels: Banaliteiten, Gekte
dinsdag 2 september 2008
Astro-risée
Shock and awe in paranonsensland. TROS Radar is undercover gegaan en heeft ontdekt dat het RTL programma AstroTV, godbetert, werkt met mediums zonder enige paranormale krachten of 'spirituele ervaring', die zich er contractueel ook nog eens toe hebben verplicht om hun goedgelovige klanten zo lang mogelijk aan de peperdure lijn te houden.
Ik weet niet waar ik harder om moet lachen: de veronderstelling dat er mediums bestaan die wel paranormale krachten hebben, of het feit dat al die helderzienden bij elkaar niet in de gaten hadden dat ze erbij werden gelapt.
Gepost door Martien op 10:22 View Comments
zaterdag 9 augustus 2008
Toneelmeesterterreur
“Opera op CD is halffabrikaat,” aldus de weinig verrassende mening van opera-DVD producent Hans Petri in het blad Klassieke Zaken (een hobbyistische kruising tussen reclameblaadje en Luister waar je nog minder wijs van wordt dan van …eh, reclameblaadjes of Luister). “Opera alleen in de studio opnemen met zes zangers op een rijtje is bijna blasfemie. Zo heeft de componist het niet bedoeld.” Hm, zou Tom Poes zeggen. Denkt meneer Petri dat Wagner het wel bedoeld heeft zijn Meistersinger te zien rondkruipen in een zwartgeblakerde post-catastrofale atoombunker? Dat Mozart zich zijn Don Giovanni voorstelde als een uit een darkroom ontsnapte leernicht? Dat Beethoven voor Florestan en Leonore een carrière voorzag als socialistische steigerbouwers? Dat Bártok zijn Blauwbaard in een rolstoel wilde zien met een been in een steunkous en een arm in het gips?
In een rolstoel, ja, ik maak heus geen grapje (en die andere voorbeelden zijn helaas al evenmin scherts). Michaël Zeeman kan in de Volkskrant zijn jubel niet op over de net in Salzburg in première gegane enscenering van Johan Simons, waarin Blauwbaard een krakkemikkig blind wrak is en Judith een soort verpleegster van de thuiszorg. Niet Bártok’s muziek, nee, “Johan Simons maakt versleten verhaaltje interessant,” zo oordeelt de recensent. Vervolgens geeft hij een pijnlijk inkijkje in zijn diepere zielenroerselen door zijn particuliere pornografische associaties los te laten op het beeld van de oude man en de jonge verpleegster – “zo willen wij allemaal wel oud worden.” En wie er allemaal niet van gediend is, die is gewoon behoudzuchtig en heeft daarmee kennelijk bij voorbaat ongelijk.
Laat ik nu door en door behoudzuchtig zijn. Het zijn precies dit soort gekunstelde, door loze vernieuwingsdwang ingegeven ‘herinterpretaties’ waardoor ik het Amsterdamse Muziektheater heb opgegeven. Ik pas ervoor een astronomisch bedrag neer te tellen om in een matige akoestiek te gaan zitten kijken naar deprimerende psychopathologiseringen van werken die ooit als romantische of zelfs komische Weltflucht gedacht waren. Tegenwoordig moet het allemaal ‘relevant gemaakt worden voor onze tijd’. Het is weer zo’n veeg teken van het hedendaagse narcisme, de onwil om terug te stappen in oudere, andere belevingswerelden. En het zou nog zo erg niet zijn als die 'relevantie' niet per definitie synoniem was met absurd, lelijk, minimalistisch, semi-pornografisch, naargeestig en cynisch. Wie zich wil onderdompelen in de lelijkheid van de wereld hoeft alleen maar het Journaal aan te zetten hoor; daar hebben we het operatheater echt niet voor nodig.





Een kleine bloemlezing van moderne Meistersinger ensceneringen. Als laatste een toneelbeeldontwerp uit Wagner's eigen tijd.
Terwijl in de abstracte muziek authenticiteit de boventoon voert lijkt in het operatheater vervreemding de norm. Het is des te ironischer als je bedenkt dat het allemaal gebeurt precies nu we eindelijk over de technische mogelijkheden beschikken om visioenen van ensceneringen zoals een Wagner die had waar te maken. Sla een operapartituur open en je ziet gewoonlijk dat de componist uitvoerige aanwijzingen geeft over wat er op het toneel te zien moet zijn; veelal aanwijzingen die in zijn eigen tijd nauwelijks vielen te realiseren. Wij kunnen het wel, en wat doen we? We doen het lekker niet! We paren de monumentaal orgelende vergezichten van de Vijfde Deur niet aan bijpassend overdonderend visueel spektakel, nee, we zetten Blauwbaard in een rolstoel.
Opera is een bizar en archaïsch genre. De amechtige pogingen daar iets eigentijds van te maken verhelpen dat niet, maar benadrukken het eerder – het lijkt wel of moderne regisseurs vooral moeten laten zien dat ze natuurlijk veel te sophisticated en artistiek zijn om die rare componist en zijn malle libretto echt serieus te nemen. Ik zeg, Joop van den Ende naar Bayreuth! En naar het Muziektheater ook. Tot die tijd luister ik alleen naar opera op CD, sorry meneer Petri. Dan kan ik gewoon mijn ogen dichtdoen en mezelf elke enscenering voortoveren die ik maar wil.
Gepost door Martien op 15:13 View Comments
dinsdag 5 augustus 2008
KO
Kan iemand mij uitleggen waarom de toeren van een stelletje doorgedraaide spanningzoekers nu al dagen voorpaginanieuws zijn en item één in het journaal? Niemand heeft Wilco van Rooijen en kornuiten toch gedwongen zich aan een levensgevaarlijke bergbeklimming te wagen? Dat doen ze alleen maar omdat ze hormonaal zo ontregeld zijn dat ze geen vervulling meer kunnen vinden in het cultiveren van een volkstuintje of het maken van droogboeketten, bezigheden waarbij zelden gestorven wordt - en als het al gebeurt dan gewoon van ouderdom.
Een gotspe ten top daarom wanneer er ook nog kranten zijn die koppen: "Berg doodt klimmers", of "Klimmers ontsnappen aan dodelijke berg". K2 is niet dodelijk, het jezelf moedwillig begeven in een omgeving die bij uitstek voor mensen ongeschikt is, is dodelijk. K2 deed helemaal niks, en heeft ook nooit iets gedaan, die ligt alleen maar op zijn gemak heel hoge berg te wezen. Wanneer dwaze stervelingen die rots willen trotseren in een cryptosuïcidale hang naar zelfverheffing en fantasieheroïek, dan is het een beetje mal er zo'n drama van te maken als ze daarbij doodvallen of aanvriezen. Van mij mogen ze, en dat hoeft dan echt niet in de krant.
Gepost door Martien op 13:34 View Comments
zaterdag 12 juli 2008
Aaifoon
U bent al te laat. Uitverkocht zijn ze, de Appel Aaifoons. Wachten moet u, voordat ook u de ultieme vervulling van uw bestaan in uw handen mag houden en daarbij tegelijk het genoegen smaakt de kas van Apple te spekken met een megawoekerwinst (de Aaifoon gaat bij verkoop in Nederland vaker over de kop dan een fles tafelwater bij Jonny Boer). Eigen schuld – dan had u maar een voorbeeld moeten nemen aan meer bijdetijdse landgenoten en voor de deur van de Belwinkel moeten gaan bivakkeren. Troost u, ik heb er ook geen hoor. Wat heet, als het aan mij gelegen had ging ik waarschijnlijk nog altijd mobielloos door het leven. Zelfs mijn vaste telefoon is de helft van de tijd niet ingeplugd. Ik heb het nooit begrepen, die zuchtige hang naar onbegrensd contact. Hoe kom je er zo ooit nog toe om Doktor Faustus te lezen, of de Norton Shakespeare editie? Wanneer luister je nog naar de Ring des Nibelungen, als je bij ieder rinkeltje van je kleine terrorist in een Pavlov-reflex schiet?
Maar sommige dingen zijn onontkoombaar. Dus kreeg ik mijn eerste mobieltje cadeau van een vriendin die het niet langer pikte dat ik vanuit de trein niet kon bellen als ik op weg naar haar vertraging had. Behalve zij geloof ik niet dat iemand ooit het nummer geweten heeft. Niet dat het veel uitmaakte of je het wist, want het apparaat stond altijd uit. Dat geldt trouwens ook voor de opvolger: een hip, klein uitklapdingetje dat ik in een roes van depersonalisatie heb aangeschaft nadat ik bij het verscheiden van de debuuttelefoon tot mijn verbijstering ontdekte dat ik niet meer zonder kon; dat zo’n ding toch wel heel handig is, als je te laat dreigt te komen op een afspraak of in een vreemde stad wilt weten op welk terras je je gezelschap aantreft. Verder is er overigens niet veel veranderd. Hoe blij het kleine onding me bij het inschakelen ook verzekert dat ik nu bij de mobielende Funclub hoor, meestal ligt het stilletjes en sprakeloos in een hoekje van de logeerkamer. Altijd uit. Onlangs stond ik bij de receptie van het Ministerie van Justitie waar men graag mijn mobiele nummer wilde noteren omdat men dan iedereen in het gebouw waarschuwen kon in geval van calamiteiten. Leek mij geen erg praktische aanpak, maar dat terzijde. Lastiger was dat ik, tot hilariteit van de baliemeneer, een collega moest bellen om na te vragen wat mijn nummer ook weer was.
Nee, ik zal met de Funclubs en de Aaifoons nooit die warme band krijgen die ik bij zovelen om mij heen zie. Verbluft vraag ik me telkens weer af wat al die mensen toch in godsnaam allemaal met elkaar te bespreken hebben. Je gaat soms vrezen dat er buiten de banale alledaagse conversatie een hele mobiele werkelijkheid bestaat, een parallel ultrakorte golf universum waar de ècht interessante zaken rondkaatsen. Midden in etentjes gaan die dingen af en in plaats dat de eigenaar het kreng beschaamd het zwijgen oplegt wordt het triomfantelijk aangenomen en zit er ineens een onzichtbare extra gast aan tafel. Restaurants, café's, treinen en wachtkamers zijn vergeven van de meest bizarre muziekjes en geluidseffecten, in een niet aflatende concurrentieslag van de mobielers om unieker en opvallender te zijn dan hun soortgenoten. Geen enkele sociale omgeving is veilig. Toen Gergiev in het Concergebouw Mahler’s Achtste stond te molesteren ging op het balkon, net om de hoek van waar ik zat, een GSM af die ook al met doodgemoedereerde vanzelfsprekendheid werd aangenomen door een verveeld kijkende meneer (die verdacht veel leek op Bart Schneemann, in welk geval hier misschien een moedwillige sabotageactie gaande was – alsof dat nodig was terwijl Gergiev met zijn esoterische slag zonder veel succes twee verbouwereerde koren bij elkaar probeerde te houden, en zijn invaltenor met rood aangelopen hoofd stond te stampvoeten in de hoop dat ‘m dat zou helpen wel de goede noten te zingen). Na een bombardement van vernietigende blikken, waaronder die van Martijn Sanders vier stoelen verderop, koos de beller er uiteindelijk, zonder veel haast, toch maar voor zijn gesprek op de gang voort te zetten. Na een tijdje kwam hij terug en tien minuten later herhaalde het tafereel zich op exact dezelfde wijze – hij had het ding niet uitgezet. Dat kun je natuurlijk menselijkerwijs ook niet verlangen. In China, dat ons in dit opzicht jaren vooruit is, is (zo weet ik uit ervaring) tijdens concerten de muziek soms nauwelijks meer te horen door het ononderbroken spervuur van bliepende, tingelende en hiphoppende GSMs.
Het is niet voor niks dat Apple het een iPhone noemt, met de nadruk op “i”. De GSM is het ultieme totem van het ik-tijdperk. Als een vette, gretige spin zit de mobielist in het hart van zijn eigenste communicatieweb. Onvermijdelijk zal Beatrijs Ritsema haar etiquette-richtlijnen op dit punt moeten gaan bijstellen. Ze onderkent al wel dat de moderne jongere zonder zijn mobiel niet bestaat, maar is toch nog veel te streng: “het is nog steeds niet gepast om in een kring van familieleden met anderen te gaan zitten bellen. Dit is meer iets voor op een jongerenhangplek.” Het zal uiteindelijk zoiets worden als, “het is niet gepast om in familiekring zomaar met elkaar te gaan zitten praten, en al helemaal niet om door te gaan met praten wanneer iemand mobiel wordt gebeld. Dat is meer iets voor in een ouderenrustoord.”
Gepost door Martien op 15:32 View Comments